Graspollen zijn de belangrijkste oorzaak van hooikoorts in Nederland. Ongeveer twee miljoen Nederlanders hebben last van een graspollenallergie. Het seizoen strekt zich uit van mei tot augustus, maar de piek verschilt per regio en per jaar. In dit artikel lees je wanneer je de meeste graspollen kunt verwachten in jouw deel van het land.
Samengevat: het graspollenseizoen loopt van mei tot augustus. De zwaarste periode is eind mei tot half juli, met juni als piekmaand. In het zuiden begint het seizoen 1–2 weken eerder. Aan de kust zijn concentraties lager dan in het binnenland.
Wanneer begint het graspollenseizoen?
De eerste graspollen verschijnen in Nederland doorgaans in mei. In warme jaren kan dit al half april zijn — in 2024 werd het graspollenseizoen als "zeer vroeg" bestempeld. De start hangt af van de temperatuur en neerslag in het voorjaar: warmte versnelt de groei van grassen, terwijl een nat en koud voorjaar het seizoen uitstelt.
Wanneer is de piek?
De graspollenpiek valt in de regel eind mei tot half juli, met juni als zwaarste maand voor de meeste hooikoortspatiënten. De piekperiode duurt gemiddeld vier tot zes weken. In deze weken kunnen de concentraties oplopen tot zeer hoge niveaus, vooral op warme, droge en winderige dagen.
Na de piek nemen de concentraties geleidelijk af, maar graspollen blijven meetbaar tot in augustus. Bij voldoende regen in de zomer kan een tweede, kleinere bloeiperiode optreden wanneer grassen opnieuw uitlopen.
Regionale verschillen in Nederland
Kust (Zeeland, Zuid- & Noord-Holland)
Lagere graspollenniveaus. Zeewind verdunt de concentraties en voert pollen af naar het binnenland. Strandige dagen met westenwind geven verlichting.
Platteland (Gelderland, Overijssel, Drenthe)
Hoogste graspollenniveaus. Uitgestrekte weilanden en hooilanden produceren grote hoeveelheden pollen. De Veluwe en het Groene Hart zijn hotspots.
Steden (Amsterdam, Rotterdam, Utrecht)
Wisselende concentraties. Parken produceren lokaal pollen, maar bebouwing beperkt verspreiding. Seizoen start soms eerder door stedelijk warmte-effect.
Zuid-Nederland (Brabant, Limburg)
Seizoen begint 1–2 weken eerder dan in het noorden doordat voorjaarstemperaturen sneller stijgen. Piek kan al eind mei vallen.
De impact van weer op graspollen
Warmte & droogte
Grassen bloeien sneller en geven meer pollen af. De concentraties zijn het hoogst op warme dagen met lichte wind.
Regen
Spoelt pollen tijdelijk uit de lucht. Na een regenbui is de pollendruk even lager — het beste moment om naar buiten te gaan.
Wind
Verspreidt pollen over grote afstanden. Bij een noordenwind zijn de concentraties in het zuiden lager, en omgekeerd.
Onweer
Kan graspollen laten barsten in kleinere deeltjes die dieper in de longen doordringen. Lees meer over onweersastma.
Tips tijdens de graspollenpiek
- Check elke ochtend de actuele pollenkaart voor jouw provincie.
- Plan intensieve buitenactiviteiten vroeg in de ochtend (vóór 6:00) of na 20:00 — de pollenconcentratie is dan het laagst.
- Draag een zonnebril buiten om pollen in je ogen te beperken.
- Douche en was je haar na thuiskomst om pollen te verwijderen.
- Gebruik dagelijks een antihistamine of neusspray — begin liefst twee weken voor het seizoen. Zie onze vergelijking van antihistaminica.